Werkgeversdienstverlening


Vraag én aanbod d
aar gaat het om. Er is in de laatste decennia veel energie en geld besteed aan het oplossen van de werkloosheid en met name aan de vraag ‘wat te doen met mensen die een grote afstand hebben tot de arbeidsmarkt? Er is voor al veel geïnvesteerd in het versterken van het aanbod: het versterken van hun motivatie, het verbeteren van hun (start-)kwallificatie, het opdoen van werkervaring, het verbeteren van hun werkzoekgedrag en hun verkoopvaardigheden (sollicatietrainingen). In verhouding tot het versterken van het aanbod is er al die jaren te weinig aandacht besteed aan de vraagkant. Hoe werven en selecteren werkgevers? En hoe verleiden wij hen om (langdurig) werklozen in dienst te nemen. Recent is daar een kentering in gekomen. In het re-integratiebeleid van de gemeente krijgt de werkgeversbenadering steeds meer aandacht. In opdracht van DIVOSA heb ik met plezier een bijdrage geleverd aan de Verkenning Werkgeversdienstverlening (dec 2012), waarin ik het hoofdstuk Vakbekwaamheid geschreven heb en op basis daarvan samen met Gejo Duibnkerken een pilottraining heb ontwikkeld. Vervolgens leidde dit tot de opdracht van Divosa om een Werkwijzer Dienstverlening te ontwikkelen. Zie hier voor de publicaties en een artikel in Sprank over de Pilottraining.



Het thema Werving en Selectiegedrag van werkgevers houdt mij al lang bezig. Reeds in 1994 schreef ik mee aan het Radar boekje ‘Bemiddelen is ook een vak?en in 1996 aan het Radar-boekje “Werkgeversbenadering, bemiddeling en nazorg?

 
 

Nieuwe vaardigheden leren


Op de vraag die Louis van Gaal in zijn functie als bondscoach gesteld is ‘hoe word je een goede voetballer?antwoordde hij simpelweg ‘door een miljoen keer te oefenen?

De meeste mensen kunnen leren autorijden, maar het lukt niet zonder de nodige praktijklessen. De een heeft er misschien 10 lessen voor nodig, de andere 30 of meer, maar niemand heeft leren autorijden uit een boekje. Met behalen van het rijbewijs hebben mensen een proeve van bekwaamheid afgelegd. We weten allemaal dat je vervolgens nog de nodige ‘vlieguren?moet maken om een ervaren chauffeur te worden.

Als je aangeleerde vaardigheden onvoldoende onderhoudt, dan verlies je vakbekwaamheid. Ook als je aangeleerde vaardigheden teveel routinematig, teveel onbewust gaat toepassen, verlies je kwaliteit. Het is niet voor niets dat in sommige beroepsgroepen professionals regelmatig testen moeten afleggen om te bewijzen dat zijn voldoende vakbekwaam zijn. Een politieagent verliest zijn wapenvergunning als hij onvoldoende vaak oefent en daarbij slechte resultaten haalt. Het devies is dus oefenen.


Er zijn 6 gulden spelregels als het gaat om het ontwikkelen en onderhouden van vaardigheden:

1.Check je motivatie
De bereidheid om te leren is afhankelijk van je motivatie. Geloof je in je vak en in het belang van professionaliteit, geloof je dat je verschil kunt maken voor je klanten en ben je bereid je te verdiepen in nieuwe methodes waarvan anderen zeggen dat ze beter werken dan wat je zelf al doet? Ben je bereid de tijd te nemen om te leren en kritisch naar jezelf te kijken?

2.Oefen slechts 1 vaardigheid tegelijk.
Het vak werkgeversdienstverlening omvat diverse taken, die elk op zich weer verschillende vaardigheden vereisen. Het is ondoenlijk om al die vaardigheden in één keer bij de kop te vatten en allemaal tegelijk te gaan ontwikkelen. Legt de focus voor een bepaalde periode op 1 leerdoel en stap pas over op het volgende doel als je deze vaardigheid goed onder de knie hebt. Bij het lezen van deze werkwijzer zal iedereen in aanvang worstelen met het precieze verschil tussen een implicatievraag en een nuttig-effectvraag. Door de focus te leggen op implicatievragen, word je daar steeds scherper en beter in. Daarna is het ook veel makkelijker om de vaardigheid nuttig-effectvraag te ontwikkelen.

3.Sta open voor feedback.
Als je nieuwe vaardigheden aanleert, is het belangrijk dat andere, vooral meer ervaren professionals met je meekijken, hoe je dingen toepast. Teveel oefenen in je eent